Nadat de oude schouwburg aan de Burchtstraat in april 1935 gesloopt was en recessie en de Tweede Wereldoorlog de bouw van een nieuwe schouwburg vertraagd hadden, werd de draad voor de nieuwe schouwburg pas weer in de jaren vijftig opgepakt. Eind januari 1955 kreeg ir. B. Bijvoet opdracht een plan voor een nieuwe schouwburg te maken. Samen met prof. G.H.M. Holt bracht hij dit plan ten uitvoer, zoals ze dat ook bij andere schouwburgprojecten zouden doen (Tilburg, Apeldoorn, Tiel en Winterswijk).
Het resultaat was een voor die tijd goede theaterzaal, waar elke denkbare voorstelling, zowel artistiek als technisch, naar behoren gegeven kon worden. Daarmee behoorde de schouwburg van Nijmegen tot één van de weinige zalen waar dit mogelijk was.
Na een schouwburgloze periode van precies 26 jaar werd de Nijmeegse Stadsschouwburg aan het Keizer Karelplein geopend op zaterdag 8 april 1961. De openingsvoorstelling werd gebracht door de Arnhemse Toneelgroep Theater met Herakles van Euripides, geregisseerd door Richard Flink, met in de hoofdrol zijn zoon Coen Flink.
Door de schouwburg op te nemen in de Naamloze Vennootschap waarin Concertgebouw De Vereeniging was ondergebracht, ontstond de NV Maatschappij tot Exploitatie van de Nijmeegse Schouwburg en Concertzaal, afgekort de NV MENSEC.
Bij het 35-jarig bestaan van de schouwburg is een boek verschenen waarin uitgebreid wordt ingegaan op de geschiedenis van theater in Nijmegen in het algemeen en de Stadsschouwburg in het bijzonder. Dit boek, van de hand van dr. Willem-Jan Pantus, kost € 4,- en is verkrijgbaar aan de kassa van de schouwburg.
In de zomer van 2003 is de schouwburg grotendeels gerenoveerd. Belangrijkste onderdeel was de vervanging van de handbediende trekkenwand door een computergestuurde trekkenwand. Ook werd de kassa ingrijpend verbouwd, kreeg de zaal (na ruim 40 jaar) nieuwe stoelen.
In 2006 heeft er weer een verbouwing plaatsgevonden. Sinds 1 september 2006 heeft het Nijmeegs Uitburo/VVV haar intrek genomen in de Stadsschouwburg. In de Uitshop wordt informatie verstrekt op toeristisch, cultureel en recreatief gebied. Tevens worden daaraan gerelateerde artikelen, theater- en concertkaartjes, cadeaubonnen en diensten verkocht.